Molenplantsoen gesnoeid voor windvang Windotter

Gepubliceerd op 24 januari 2020 om 14:32

Om de windvang van stellingkorenmolen de Windotter in IJsselstein te verbeteren, moeten de bomen in het Molenplantsoen iedere vijf à zes jaar drastisch worden teruggesnoeid. Dit jaar is het zover. Het gaat om treurwilgen, een es en twee moerascipressen die in 1960 werden geplant. Molenaar Maarten Dolman legt deze week aan Lysette Verwegen van Zenderstreeknieuws uit dat het echt nodig is. Hij kan ’aan het kraken van de molen en de onregelmatige gang’ horen dat de snoeibeurt nodig is.' Iedereen kent het begrip metaalmoeheid, maar voor hout geldt een soortgelijk fenomeen. Krachten die de molen op een verkeerde manier laten bewegen kunnen ervoor zorgen dat hij snel aftakelt. Rond een molen bestaat een zogenaamde molenbiotoop. Binnen een straal van 500 meter mogen geen hoge objecten staan. Dit is wettelijk al rond 1700 geregeld. Het windgeld dat de molenaar aan de machthebbers moest betalen, inde hij van de boeren die gedwongen werden om hun graan bij de lokale molen, daarom dwangmolen genoemd, te laten malen. De opbrengst wordt nu gebruikt voor de instandhouding van het monument. (Bron www.zenderstreeknieuws.nl )

Windotter

Al in 1437 waren de inwoners van de stad en de Heerlijkheid van IJsselstein verplicht hun graan in de windkorenmolen van IJsselstein te laten malen. In een nieuw pachtreglement van 1718 werd deze ‘molendwang’ nog eens aangescherpt met hogere boetes. De Heren en Vrouwen van IJsselstein behoorden achtereenvolgens tot de geslachten Van Amstel, Van Egmond (Van Buren) en Oranje-Nassau. In 1732 liet Maria Louise van Hessen-Kassel, weduwe van stadhouder Johan Willem Friso en barones van IJsselstein de huidige stenen molen.

De Windotter is één van de grootste molens van Nederland en sinds de restauratie van 1986/1987 volledig in bedrijf. Molenaar Maarten Dolman leidt het bedrijf namens de stichting 's-Heren Korenmolen te IJsselstein. Zijn vrouw Lia runt de molenwinkel en verzorgt ontbijten en lunches in de theekoepel die in 1812 op de stadswal werd gebouwd.. Verder zijn tientallen vrijwilligers in touw die met ‘Participanten’ en ‘Vrienden van de Windotter’ voor de molenexploitatie zorgen.

Openingstijden van de theekoepel: dinsdag t/m vrijdag van 07.00 uur tot 17.00 uur en op zaterdag van 07.00 tot 16.00 uur en op afspraak.

De molen telt vijf zolders: graan-, maal-, steen-, lui- en kapzolder. Op de steenzolder staat een steenkraan om de circa 1000 kg zware bovenste molenstenen (lopers) te kunnen lichten. Met behulp van bilhamers kunnen de maalstenen dan handmatig worden gescherpt. De maalcapaciteit kan, afhankelijk van de wind, circa 2000 kg per werkdag bedragen. Het wiekenkruis heeft een vlucht van 26 meter en is uitgerust met fokwieken met borden en automatische remkleppen. De kap is gedekt met houten schaliën.

 


«   »

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.