Rotterdam en Gouda moeten doorgaan met hun claim op Erasmus

Gepubliceerd op 16 november 2018 11:35

Als Desiderius Erasmus nog leefde, zou hij een nieuwe Lof der Zotheid kunnen schrijven over de manier waarop, pak ’m beet 550 jaar later, met hemzelf wordt gesold. Zijn boek zou zijn levensverhaal zijn dat begint met een kind, geboren uit huishoudster Marga Rutgers omdat ze zich in Gouda liet voortduwen door priester Geert wiens huis zij schrobde. Toen ze daar zo dik van werd dat het schrobben niet meer lukte, besloot ze naar Rotterdam te vertrekken om daar in de beslotenheid van haar familie te bevallen.

Onderweg op een boerenwagen, of aan boord van een schuit, merkte ze dat haar lading indaalde. Het was in de Ambachtsheerlijkheid met Moordrecht, Capelle en Nieuwerkerk dat ze het niet meer hield. In Rotterdam kwam ze bij toen ze werd getroost door een vroedvrouw die een baby aan haar borst legde en vroeg of zij had nagedacht over een naam: het werd Geert Geertszn.

Of de baby onderweg naar Rotterdam ter wereld kwam op de Hollandsche IJssel, langs de weg via Moordrecht, Nieuwerkerk of Capelle, dat kunnen we niet achterhalen. Rotterdam claimde in ieder geval zijn geboortegrond, omdat zijn moeder zich daar verborgen hield tot ze terug durfde naar haar geliefde kruisdrager in Gouda. De schrandere jongen en zijn oudere broertje Pieter, want papa had mama al eerder bevlekt, maakten hun ouders niet lang mee, want die stierven jong.

Erasmus groeide op in Gouda, bevoogd door drie mannen die hem naar de parochieschool stuurde aan de Goudse Markt (nu Arte Legi) en daarna naar het ‘smerige’ klooster in Steijn, nu Hekendorp in de kern Haastrecht. Daarna verdween hij uit de Lage Landen om nooit meer terug te keren naar de plek waar zijn ‘tere gestel’ zo te lijden had gehad. Hij reisde door Europa met zijn venijnige pen en met jaloerse blikken op leken die zich uitspattingen konden veroorloven waar de geestelijkheid voor werd gestraft.

Geert werd als Erasmus zo beroemd dat iedereen na zijn dood dacht dat je dat ook kon worden door op de grond te lopen die hij had betreden. De plaatsen waar hij werd geboren, opgroeide, leerde of werkte, wilden zijn bedevaartsoord zijn, vooral om hongerige en dorstige fans van de humanist naar hun etablissementen te lokken.

In Nederland strijden Rotterdam en Gouda nog steeds over wie zich De Stad van Erasmus mag noemen. Gouda zou die titel glansrijk moeten winnen omdat hij daar verwekt is en getogen. Terwijl het niet eens zeker is of hij het levenslicht in Rotterdam zag, of onderweg in Moordrecht, Nieuwerkerk of Capelle pronkt Rotterdam met Erasmus met als enige excuus dat hij Rotterodamus aan zijn naam toevoegde. Waarom? Omdat hij zelf dacht dat hij daar geboren was en geen warme herinneringen aan Gouda koesterde.

We praten over de 15e eeuw. Een dik half millennium geleden. Hoe zot is het dat mensen zich nu nog druk maken over welke stad zich de stad van Erasmus mogen noemen? Het wordt tijd om met alle geredetwist te stoppen, zegt daarom de Actuele Moderne Devotie Beweging Nederland. Mink de Vries van deze club vindt dat beide steden de Erasmusverbinding moeten tekenen, waarvan hij op voorhand een concept naar beide gemeenten heeft gestuurd. Gouwenaar Maurits Tompot die Het Geheim van Erasmus schreef, is het daarmee eens, meldt Peter van den Belt in het AD.

Beide mannen vergeten daarbij een essentieel ding. Juist die eeuwenlange vete tussen de kissebissende steden zorgt ervoor dat Erasmus internationaal in de belangstelling staat en dat brengt geld in het laatje. Terecht reageert Gouda dat ze niets voor zo’n plan voelen,

Lees meer »


«   »